Gereedschapswand maken en overzicht handgereedschappen

78% of 100%

Goed gereedschap is het halve werk. Als je kiest voor kwaliteit, dan staat het geld dat je meer uitgeeft, borg voor een lange levensduur en daarnaast bespaart het je veel ergernis. Bij de inrichting van je gereedschapskist of je werkplaats, moet je ook letten op het kleine handgereedschap, dat is vooral onmisbaar bij reparaties en onderhoud.

  1. Een gereedschapswand

    Gereedschap moet je snel kunnen pakken wanneer je het nodig hebt. Als je het gereedschap aan de muur hangt is het overzichtelijk en kun je het direct pakken. Er zijn bij de bouwmarkten verschillende systemen verkrijgbaar.
    Tip: hang het zware gereedschap zoals hamers onderaan. Mochten ze vallen dan is de schade minder groot. Gevaarlijk gereedschap zoals messen en schaven altijd buiten bereik van kinderen plaatsen.

  2. Gaatjeswand

    De meeste gereedschapswanden zijn voorzien van gaatjes of gleufjes, waarin verschillende haakjes, oogjes, houdertjes en bakjes passen. Op deze manier kun je alles zelf gemakkelijk indelen. De afmetingen zijn ook verschillend.

  3. Plaats gereedschapswand bepalen

    Bepaal de plaats van de gereedschapswand. Heb je ruimte, dan kun je een houten plank boven de wand plaatsen en er een TL-balk onder monteren. Op deze manier heb je goed licht op het werkstuk. Maak aan de voorzijde van de plank een afschermplaat, om het TL-licht af te schermen. Hierdoor word je niet verblind. Boven op de plank kun je bakjes plaatsen of elektrisch gereedschap neerleggen. Ook kun je ervoor kiezen kastjes hierboven te hangen. Houd rekening met de hoogte van de kastjes.

  4. Welk handgereedschap en waarvoor?

    Je hebt een aantal essentiële handgereedschappen nodig voor het opknappen van klussen en reparaties. Het samenstellen van een gereedschapkist of wand is dan ook een must. Het overzicht is ook een handige referentie, als je een klusadvies volgt waar gereedschap wordt vermeld.

  5. Hamers

    1. Een timmermanshamer herken je aan een taps toelopende pen. Hiermee kunnen kleine spijkertjes in het hout worden geslagen
    2. Klauwhamer; de haan heeft een gespeten punt die je gebruikt als spijkertrekker
    3. De moker of vuisthamer heeft door het hogere kopgewicht een veel grotere slagkracht dan een gewone hamer
    4. De rubberen hamer gebruik je als een stalen hamer het materiaal of gereedschap beschadigd
    5. De houten hamer is geschikt om wiggen te slaan en om op beitels te tikken
    6. Met een drevel kun je scharnierpennen verwijderen en een spijkerkop onder het houtoppervlak slaan

  6. Tangen

    1. De nijptang gebruik je voor het uittrekken van spijkers of doorknippen van draad
    2. Met de waterpomptang kun je pijpmateriaal van kranen en afvoeren vastgrijpen. Door de verstelbare bek kun je veel vastpakken
    3. De naam combinatietang zegt het al, het is een combinatie van een plattetang, nijptang en waterpomptang. Met de twee scherpe delen in de bek kun je dun draad doorknippen
    4. De striptang snijdt het isolatiemateriaal los van de elektriciteitsdraad. De tang heeft een instelschroef om elektriciteitsdraad van verschillende diameters in te snijden. Het isolatiemateriaal kan vervolgens van de draad worden verwijderd
    5. Zijkniptang, deze tang wordt veelal gebruikt om draad en elektriciteitsdraden door te knippen
    6. De punttang heeft halfrond geslepen bekken en is daardoor geschikt voor nauwkeurig montagewerk. De vertande bekken geven goede grip bij minimale krachtuitoefening

  7. Steek- en dopsleutels

    1. De steeksleutel gebruik je voor moeren en bouten vast te zetten of los te draaien
    2. De een ringsleutel lijkt op een steeksleutel, maar heeft grip op alle zes de hoeken van de moer, terwijl de steeksleutel maar op twee hoeken grip heeft
    3. Met de verstelbare steeksleutel kun je, als je geen passende steeksleutel hebt, de verstelbare bek gebruiken
    4. De pijpsleutel wordt gebruikt voor moeilijke plaatsen zoals bij een bougie
    5. De dopsleutel is voorzien van 6 of 12 grippunten en heeft aan de bovenzijde een vierkante opening waarin een haaks handvat of een ratelhandvat past
    6. Een inbussleutel is zeskant gebogen stift en gebruik je om inbusbouten vast of los te draaien

  8. Houtzagen

    1. Een handzaag gebruik je om alle soorten hout en plaatmateriaal te zagen. Meestal heeft die een universele vertanding
    2. Kapzagen hebben een versterkte rug. Deze kap geeft het zaagblad een grote stijfheid voor rechte zaagsneden
    3. De verstekzaag is een kleine kapzaag met licht gezette tanden, om zeer smalle zaagsneden te maken voor lijstwerk en latjes. Wordt meestal gebruikt in combinatie met een verstekbak (3a)
    4. De figuurzaag heeft een heel fijn zaagje en wordt met vleugelmoeren gespannen in een U-vormige beugel. Bij het zagen houd je de zaag verticaal, de tanden wijzen hierbij omlaag en zaag je door het omlaag trekken van de beugel

  9. Metaalzagen en snijgereedschap

    1. Bij een metaal- of beugelzaag wordt het zaagblad in een beugel strak gezet. De tanden zijn bij metaalzagen naar voren gericht
    2. De junior- of babyzaag is handig om in kleine hoeken of moeilijk bereikbare plaatsen te zagen
    3. Het hobbymes is voorzien van afbreek- of wegwerpmesjes. Je kunt er leer, papier, karton en kunststof mee snijden
    4. Het linoleum-hobbymes is voorzien van een haaksnede waarmee je in trekkende bewegingen snijdt

  10. Schroevendraaiers

    1. Bij gebruik van schroevendraaiers moet je altijd de juiste afmeting nemen. Het is daarom een gegeven om meerdere maten en soorten in je bezit te hebben. De meest voorkomende schroevendraaiers zijn; Gleufkop (1a), Kruiskop PZ (1b), Kruiskop PH (1c) en Torx TX (1d)
    2. Een fitting schroevendraaier heeft om het metaal een kunststof geïsoleerde mantel en is er in talrijke maten. De punt past op kleine schroefjes van fittingen en kroonsteentjes
    3. Met de spanningzoeker kun je 220-240volt spanning controleren door de punt van de schroevendraaier op het spanningscontact te houden en je vinger op de achterzijde te duwen. Indien het lampje in de spanningzoeker oplicht; trek de stekker uit het stopcontact of schakel een groep in de meterkast uit.

  11. Boorgereedschap

    1. Het standaard fretboortje gebruik je voor het voorboren van gaatjes voor schroeven, in hout en zacht kunststof
    2. De priem of els gebruik je om in niet te hard hout gaatjes voor te prikken. Je kunt er ook mee aftekenen of materialen doorprikken
    3. Met een accuboormachine kun je behalve boren en schroeven ook schuren, polijsten en slijpen

  12. Verspanend gereedschap

    1. De steekbeitel van breed naar smal, gebruik je voor houtbewerking. Als je meer kracht moet uitoefen kun je een rubberen of houten hamer gebruiken
    2. Vijlen zijn er in platte, halfronde, ronde, vierkante en driekante uitvoering. Je kunt er metaal, kunststof en hout mee vlak maken, afbramen en onregelmatigheden weghalen.
    3. Houten blokschaven worden gebruikt om kleine laagjes hout te verwijderen. De schaafdiepte kun je wijzigen door de wig los te zetten en de beitel te verschuiven
    4. De koubeitel, gebruik je voor grof steenwerk. Denk aan gaten voor elektriciteitsdozen en het wegwerken van leidingen

  13. Hulpgereedschap

    1. Wanneer je schuurpapier om een schuurblokje vouwt, schuur je het oppervlak glad én vlak. Schuur altijd in de richting van de houtnerf
    2. Met een staalborstel kun je vuil en roest verwijderen. De borstel is standaard van staal, maar voor zachte oppervlakken kun je messing of koperborstels gebruiken
    3. Met het plamuurmes vul je gaten en scheuren in muren, hout of metaal. Je kunt er ook oude verflagen en behangresten mee wegsteken
    4. Met lijmklemmen kun je werkstukken vastklemmen. Het is raadzaam het werkstuk te beschermen, met karton, blokjes hout of triplex
    5. Snelspanklem; sneller dan de gebruikelijke lijmklemmen met grote spankracht

  14. Meetgereedschap

    1. De bekende rolmaat kun je gemakkelijk in je broekzak meenemen
    2. Een duimstok is vaak handiger, omdat het meetgedeelte op afstand zoals bij een rolmaat, niet buigt. Je kunt er ook preciezer mee te werken
    3. Een schuifmaat is een meetinstrument waarmee je nauwkeurig buitenmaten, binnenmaten en dieptematen kunt meten. De schuifmaat bestaat uit een vast deel met twee meetbekken en een schuifgedeelte met een meetpen voor dieptemeting. Standaard heeft de schuifmaat maatstreepjes, maar is ook verkrijgbaar met digitale aflezing
    4. Met een winkelhaak controleer je de haaksheid van je werkstuk en kun je zien of iets loodrecht staat
    5. Een zwaaihaak gebruik je om een hoek over te nemen. Door middel van een vleugelmoer kun je blad en blok in een hoekstand vastzetten, waarna je de hoek kan overnemen, zagen en controleren
    6. Natuurlijk mag een waterpas niet ontbreken. Als de luchtbel precies tussen de 2 streepjes ligt, heb je een perfecte horizontale of verticale stand

  15. Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheid

    Draag vanwege lawaai, stof en/of vonken tijdens je werkzaamheden persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals:
    1. Handschoenen
    2. Stofmasker
    3. Gehoorbescherming
    4. Veiligheidsbril

    Het is bovendien verstandig om altijd een EHBO-koffer en een brandblusser/ blusdeken / emmer water in de buurt van je werkplek te hebben.

  16. Elektrisch gereedschap

    Het is onnodig te vermelden dat voor de meeste van deze gereedschappen een elektrische uitvoering verkrijgbaar is, die meestal niet op een gereedschapswand worden geplaatst.
    • Tackers
    • Klopboormachines
    • Laser / meetinstrumenten
    • Haakse slijpers
    • Boorhamers
    • Heteluchtpistolen
    • Decoupeerzagen
    • Schaven
    • Bovenfrezen
    • Schuurmachines
    • Cirkelzagen
    • Reciprozagen
    • Boormachines

Waardering

Beoordeel dit stappenplan.

Gereedschapswand maken en overzicht handgereedschappen

3.9
3.9 of 5

373 totaal

  • 5
    205
  • 4
    65
  • 3
    20
  • 2
    21
  • 1
    62